gratis

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • gra·tis
stellend
onverbogen gratis
verbogen -

Bijvoeglijk naamwoord

gratis

  1. wat zonder betaling verkregen wordt
    Het gratis concert werd door duizenden mensen bezocht.
Synoniemen
Vertalingen


Deens

Uitspraak
Woordafbreking
  • gra·tis
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Latijnse woord gratis, de datief- en ablatiefvorm meervoud van gratia
stellend vergrotend overtreffend
onbepaald
(sterk)
g enkelvoud gratis
o enkelvoud gratis
meervoud gratis
bepaald
(zwak)
enkelvoud en
meervoud
gratis

Bijvoeglijk naamwoord

gratis

  1. gratis
Synoniemen

Bijwoord

gratis

  1. gratis
Afgeleide begrippen


Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • gra·tis
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Latijnse woord gratis, de datief- en ablatiefvorm meervoud van gratia
stellend vergrotend overtreffend
onbepaald
(sterk)
m/v enkelvoud gratis
o enkelvoud gratis
meervoud gratis
bepaald
(zwak)
enkelvoud en
meervoud
gratis

Bijvoeglijk naamwoord

gratis

  1. gratis
Synoniemen

Bijwoord

gratis

  1. gratis
Synoniemen
Afgeleide begrippen


Nynorsk

Uitspraak
Woordafbreking
  • gra·tis
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Latijnse woord gratis, de datief- en ablatiefvorm meervoud van gratia
stellend vergrotend overtreffend
onbepaald
(sterk)
m/v enkelvoud gratis
o enkelvoud gratis
meervoud gratis
bepaald
(zwak)
enkelvoud en
meervoud
gratis

Bijvoeglijk naamwoord

gratis

  1. gratis
Synoniemen

Bijwoord

gratis

  1. gratis
Afgeleide begrippen


Spaans

Uitspraak
Woordafbreking
  • gra·tis
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Latijnse woord gratis, de datief- en ablatiefvorm meervoud van gratia
  enkelvoud meervoud
mannelijk gratis gratis
vrouwelijk gratis gratis

Bijvoeglijk naamwoord

gratis

  1. gratis

Bijwoord

gratis

  1. gratis
Verwijzingen