graduate

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Engels

Uitspraak
Zelfstandig naamwoord
  • IPA: /ˈɡrædjuət/
Werkwoord
  • IPA: /ˈɡrædjueɪt/
enkelvoud meervoud
graduate graduates

Zelfstandig naamwoord

graduate

  1. afgestudeerde
vervoeging
onbepaalde wijs to graduate
he/she/it graduates
verleden tijd graduated
voltooid
deelwoord
graduated
onvoltooid
deelwoord
graduating
gebiedende wijs graduate

Werkwoord

graduate

  1. afstuderen, promoveren