gondel
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- gon·del
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | gondel | gondels |
| verkleinwoord | gondeltje | gondeltjes |
Zelfstandig naamwoord
- een pleziervaartuig in Venetië
- bovenste gedeelte van een windturbine
- de cabine van een kabelbaan
- het schuitje van een luchtballon