goedkoop
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- goed·koop
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | goedkoop | goedkoper | goedkoopst |
| verbogen | goedkope | goedkopere | goedkoopste |
Bijvoeglijk naamwoord
goedkoop
- (handel) laag in prijs
- Een goedkoop hotel.
- (figuurlijk) eenvoudig of slecht bedacht
- Een goedkope leugen.
- Een ontzettend goedkope truc.
Synoniemen
- [2] doorzichtig
Antoniemen
Afgeleide begrippen
- [1] spotgoedkoop
Uitdrukkingen en gezegden
- [1]: Goedkoop is duurkoop.
Iets dat weinig kost, is vaak ook van lage kwaliteit
Vertalingen
1. laag in prijs
|
|