glazig

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • gla·zig
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen glazig glaziger glazigst
verbogen glazige glazigere glazigste

Bijvoeglijk naamwoord

glazig

  1. als door een onheldere glazen ruit
    Op die vraag gaf de student niet meer dan een wat glazige blik.