gireren

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • gi·re·ren
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
gireren
gireerde
gegireerd
zwak -d volledig

Werkwoord

gireren

  1. (overgankelijk) geld overmaken door het uitschrijven van een giro
    Ik heb het al gegireerd.
Verwante begrippen
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen