ging vreemd

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ging vreemd

Werkwoord

vervoeging van
vreemdgaan

ging vreemd

  1. enkelvoud verleden tijd van vreemdgaan
    Ik ging vreemd.
    Jij ging vreemd.
    Hij, zij, het ging vreemd.