giftig
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- IPA:
- (Noord-Nederland): /ˈχɪftəx/
- (Vlaanderen, Brabant): /ˈɣɪftəx/
Woordafbreking
- gif·tig
Woordherkomst en -opbouw
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | giftig | giftiger | giftigst |
| verbogen | giftige | giftigere | giftigste |
Bijvoeglijk naamwoord
giftig
- gif bevattend
- Giftige paddenstoelen hoort men niet op te eten.
- zeer nijdig
- Toen ze ontdekte dat haar man hoor bedroog, werd ze pas echt giftig.
Verwante begrippen
- [1] vergiftigd
Vertalingen
1. gif bevattend
Duits
Bijvoeglijk naamwoord
giftig