gewei

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·wei
enkelvoud meervoud
naamwoord gewei geweien
verkleinwoord geweitje geweitjes

Zelfstandig naamwoord

gewei o

  1. (zoötomie) een stel uit been bestaande hoorns van herten; al dan niet vertakt
    Het gewei van het hert was afgebroken en lag op de grond.
Vertalingen

Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen