genus

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Woordafbreking
  • ge·nus

Zelfstandig naamwoord

enkelvoud meervoud
naamwoord genus genera
verkleinwoord

genus o

  1. grammaticaal geslacht: het Nederlands kent drie genera, nl. mannelijk, vrouwelijk en onzijdig.
Vertalingen

Latijn

Zelfstandig naamwoord

genus o (gen. generis)

  1. afkomst
  2. geslacht
  3. soort
Persoonlijke instellingen