genies

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·nies
Woordherkomst en -opbouw
  • afgeleid uit niezen met het voorvoegsel ge-

Niet in de woordenlijst van de Taalunie

Zelfstandig naamwoord

genies o

  1. niezen, naamwoord van handeling bij het werkwoord niezen
    En werkelijk, er werd daar een verschrikkelijk lawaai gemaakt - een onophoudelijk gehuil en genies en zo nu en dan een geweldig gekletter alsof een schotel of een ketel in stukken viel.[1]
Verwijzingen
  1. Carroll, L; vert. Alfred Kossmann De avonturen van Alice 3e druk (1948) Ad Donker, Rotterdam; p. 62; geraadpleegd 2015-02-08