geneeskunde

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·nees·kun·de
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord geneeskunde -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

geneeskunde v

  1. (wetenschap) de wetenschap die zich richt op de aard, de oorzaken en de geneesmiddelen van ziekten
Vertalingen

Meer informatie


Afrikaans

Uitspraak
  • IPA: /xəˈniə̯skœndə/
enkelvoud meervoud
naamwoord geneeskunde -

Zelfstandig naamwoord

geneeskunde

  1. (wetenschap) geneeskunde