genaamd

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·naamd
stellend
onverbogen genaamd
verbogen genaamde

Bijvoeglijk naamwoord

genaamd

  1. een bepaalde naam hebbend
    Dit deflatie genaamde proces van prijsverlagingen is nog gevaarlijker voor een economie dan zijn tegendeel, inflatie genaamd.