gemis
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: gemis (hulp, bestand)
- IPA:
- (Noord-Nederland): /χə.ˈmɪs/
- (Vlaanderen, Brabant): /ɣə.ˈmɪs/
- (Limburg): /ɣə.ˈmɪs/
Woordafbreking
- ge·mis
Woordherkomst en -opbouw
- Naamwoord van handeling van missen met het voorvoegsel ge-.
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | gemis | - |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
gemis o
- een toestand waarbij er iets mankeert
- Leren leven met het gemis van een geliefde is moeilijk.
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.