gelukkig
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- ge·luk·kig
Woordherkomst en -opbouw
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | gelukkig | gelukkiger | gelukkigst |
| verbogen | gelukkige | gelukkigere | gelukkigste |
Bijvoeglijk naamwoord
gelukkig
- in een tevredene toestand zijn, zich goed voelen
Synoniemen
Antoniemen
Uitdrukkingen en gezegden
- Gelukkig nieuwjaar!
- Prettige Kerstdagen en een Gelukkig Nieuwjaar!
Vaste voorzetsels
- gelukkig zijn met
- gelukkig zijn van
Vertalingen
1. in een tevredene toestand zijn, zich goed voelen