geer

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
Het wapen van Almere met acht geren.

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • geer
enkelvoud meervoud
naamwoord geer geren
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

geer v/m

  1. (heraldiek) ieder van de gelijke driehoekige vakken die door gelijktijdig gebruik van een aantal hoofdlijnen ontstaan
    Een wapen zoals dat van Almere met acht geren wordt "gegeerd van acht stukken" genoemd.
  2. spits toelopende strook stof
  3. scheve zijde van een gebouw of stuk land
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
geren

geer

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van geren
    Ik geer.
  2. gebiedende wijs van geren
    Geer!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van geren
    Geer je?


Wolof

Zelfstandig naamwoord

geer

  1. oorlog