gaven door
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- IPA:
- (Noord-Nederland): /ˌχavə(n)ˈdo̝ːr/
- (Vlaanderen, Brabant, Limburg): /ˌɣavə(n)ˈdoːr/
Woordafbreking
- ga·ven door
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| doorgeven |
gaven door
- meervoud verleden tijd van doorgeven
- Wij gaven door.
- Jullie gaven door.
- Zij gaven door.
- Wij gaven door.