gaf aan

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • gaf aan

Werkwoord

vervoeging van
aangeven

gaf aan

  1. enkelvoud verleden tijd van aangeven
    Ik gaf aan.
    Jij gaf aan.
    Hij, zij, het gaf aan.