frisdrank

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • fris·drank
Woordherkomst en -opbouw
  • Samenstelling van fris en drank, in 1956 bedacht door Dick Schiferli
enkelvoud meervoud
naamwoord frisdrank frisdranken
verkleinwoord frisdrankje frisdrankjes

Zelfstandig naamwoord

frisdrank m

  1. (drinken) verfrissende drank zonder alcohol, in enge zin een koolzuurhoudende limonade, in ruime zin ook zonder koolzuur
    In de winkel kocht ik een fles frisdrank.
Verwante begrippen

Meer informatie