fractie

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • frac·tie
enkelvoud meervoud
naamwoord fractie fracties
verkleinwoord fractietje fractietjes

Zelfstandig naamwoord

fractie (< Fr.- Lat.), vr.

  1. breuk, deel van een geheel; - klein deel
  2. de gezamenlijke vertegenwoordigers v.e. partij i.d. volksvertegenwoordiging; - zich afzonderend deel v.e. politieke partij
  3. elk der verdampingsstadia v.e. mengsel v. stoffen met verschillend kookpunt
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen