flens
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- flens
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | flens | flenzen |
| verkleinwoord | flensje | flensjes |
Zelfstandig naamwoord
flens m
- (techniek) een platte, vlakke metalen plaat of ring, bevestigd aan het uiteinde van een buis of pijp om een lekdichte verbinding met een andere pijp of een afdichting mogelijk te maken
- Die flens is beschadigd en maakt een goede afdichting onmogelijk.
- dunne pannenkoek
- Flenzen bakken.
Synoniemen
- [2] flensje
Vertalingen
1. een platte, vlakke metalen plaat of ring, bevestigd aan het uiteinde van een buis of pijp om een lekdichte verbinding met een andere pijp of een afdichting mogelijk te maken
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.