fascist
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- fas·cist
Woordherkomst en -opbouw
- Van het Latijn fasces (de pijlenbundel die het symbool van de macht van de Romeinse staat was) met het achtervoegsel -ist.
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | fascist | fascisten |
| verkleinwoord | fascistje | fascistjes |
Zelfstandig naamwoord
fascist m
- (politiek) oorspronkelijk: een aanhanger van Mussolini's politieke beweging in het Italië van de jaren 1920 tot 1945
- De fascisten vonden ruime steun van de straatarme bevolking, onder andere omdat zij de maffia bestreden.
- (politiek) enige aanhanger van een autocratische corporatistische stroming die politiek geweld niet schuwt
- President Bush is herhaaldelijk voor fascist uitgemaakt.
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Engels
Uitspraak
Bijvoeglijk naamwoord
fascist
| enkelvoud | meervoud |
|---|---|
| fascist | fascists |
Zelfstandig naamwoord
fascist