elkaar
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
| nominatief | genitief |
|---|---|
| elkaar | elkaars |
Uitspraak
Woordafbreking
- el·kaar
Wederkerig voornaamwoord
elkaar
- drukt uit dat van twee of meer personen ieder op zijn eigen manier tegenover de ander handelt
- Zij waren echt aan elkaar gewaagd.
- drukt een onderlinge relatie, aansluiting of een snelle opeenvolging uit (met voorzetsel)
- Zij hebben een uur achter elkaar lopen praten.
Synoniemen
- [1] elkander
Verwante begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
[2] In elkaar lassen.
Vertalingen
1. drukt uit dat van twee of meer personen ieder op zijn eigen manier tegenover de ander handelt
in elkaar lassen