eerlijkheid

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
  • IPA: /'erlək,hɛɪd/
Woordafbreking
  • eer‧lijk‧heid
Woordherkomst en -opbouw

Zelfstandig naamwoord

de eerlijkheid v, meervoud eerlijkheden

  1. het vertellen van de waarheid.
    De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat het niet klopt.
Antoniemen
Vertalingen
Verwante begrippen
Persoonlijke instellingen
Andere talen