duurte
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- duur·te
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | duurte | |
| verkleinwoord |
Zelfstandig naamwoord
duurte v
- periode waarin een zeker aantal goederen naar verhouding erg duur is
- De verhoging van de olieprijs veroorzaakte een grote duurte.