duif
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: duif (hulp, bestand)
- IPA:
- (Noord-Nederland): /dœʏ̯f/
- (Vlaanderen, Brabant, Limburg): /dœːf/
Woordafbreking
- duif
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | duif | duiven |
| verkleinwoord | (duifje) | (duifjes) |
Zelfstandig naamwoord
duif
Synoniemen
- [2]: duivin
Antoniemen
- [2]: doffer
Afgeleide begrippen
Hyponiemen
Vertalingen
1. een vogel die een koerend geluid maakt
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.