droppen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • drop·pen
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
droppen
dropte
gedropt
zwak -t volledig

Werkwoord

droppen

  1. (ergatief) druppen, druppelen
    Het water dropte van het dak af.
  2. (overgankelijk) iemand ergens afzetten
    Ze dropten hen bij de disco.
  3. (overgankelijk) uit een vliegtuig laten neerkomen
    Hij werd op 2 km hoogte gedropt.
  4. (badminton) de shuttle zeer kort over het net slaan
    Bij rolstoelbadminton mag er niet gedropt worden.
Synoniemen
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen