drogeren

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • dro·ge·ren
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
drogeren
drogeerde
gedrogeerd
zwak -d volledig

Werkwoord

drogeren

  1. (overgankelijk) het iemand toedienen van drugs of doping