drenken
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- dren·ken
Woordherkomst en -opbouw
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| drenken /ˈdrɛŋkə(n)/ |
drenkte /ˈdrɛŋktə/ |
gedrenkt /xəˈdrɛŋkt/ /ɣəˈdrɛŋkt/ |
| zwak -t | volledig | |
Werkwoord
drenken
- (overgankelijk) laten doortrekken met een vloeistof
- Hij drenkte de zemen lap in het water.
- (overgankelijk) drinken geven aan
- Zij moest de planten nog drenken.