dreigend

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • drei·gend

Deelwoord

deelwoord
onverbogen dreigend
verbogen dreigende
vervoeging van
dreigen

dreigend onvoltooid deelwoord van dreigen

  1. attributief gebruikt
    Na de dreigende taal over en weer loopt de spanning verder op.
  2. attributief gebruikt op het punt staan te gebeuren
    Er is een dreigend tekort aan leraren.
    Hij waarschuwt voor een dreigend financieel debacle met de bouwplannen.
  3. bijwoordelijk gebruikt
    Dreigend met een groot mes liep hij op mij af.