drankje
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- drank·je
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | drank | dranken |
| verkleinwoord | drankje | drankjes |
Zelfstandig naamwoord
drankje o
- verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord drank
- glaasje drank (die vaak het distillatieproduct van alcohol bevat)
- vloeibaar medicament
Synoniemen
Afgeleide begrippen
- [2] amandeldrankje, coladrankje, frisdrankje, oranjebitterdrankje, sportdrankje
- [3] koortsdrankje, gorgeldrankje, hoestdrankje, honingdrankje, kruidendrankje, spoeldrankje
Vertalingen
2. glaasje drank
3. vloeibaar medicament
Zelfstandig naamwoord
drankje o
- verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord drank