doorhalen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • door·ha·len
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
doorhalen
/'dɔːrɦalə(n)/
haalde door
/'ɦaldə 'dɔːr/
doorgehaald
/'dɔːrɣəɦalt/
zwak -d volledig

Werkwoord

  1. (overgankelijk) een streep ergens doorheen zetten
    De spelfouten in het dictee werden doorgehaald.
  2. (inergatief) niet slapen
    De jongens gebruikte keta en hebben doorgehaald.
Synoniemen
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen