doofheid
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- doof·heid
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | doofheid | - |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
doofheid v
- het onvermogen geluid waar te nemen
- Na de ontploffing had hij enige tijd last van doofheid.
Vertalingen
1.
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Afrikaans
Zelfstandig naamwoord
doofheid