donum

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Latijn

Zelfstandig naamwoord

dōnum o

  1. geschenk
    «timeo Danaos et dona ferentes [1]»
    ik vrees de Grieken, ook als ze geschenken brengen
Verbuiging
Verwijzingen
  1. Vergilius, Aeneis, 2, 49.