domiciliëring
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- do·mi·ci·lië·ring, do·mi·ci·li·ering
Woordherkomst en -opbouw
- Naamwoord van handeling van domiciliëren met het achtervoegsel -ing
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | domiciliëring | domiciliëringen |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
domiciliëring v
- het kiezen van een (wettelijke) verblijfplaats of domicilie in principe het adres, zoals opgegeven bij de burgerlijke stand
- voor betaalbaarstelling het adres van bank waarnaar een factuur kan worden gestuurd
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.