dol
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- dol
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | dol | doller | dolst |
| verbogen | dolle | dollere | dolste |
Bijvoeglijk naamwoord
dol
- onzinnig.
- gek.
- (van schroefdraad) zonder grip.
- wild door hondsdolheid
- Het was een dol plan, maar het was wel erg gezellig.
Uitdrukkingen en gezegden
- dol zijn op
-
- houden van
- door het dolle heen gaan of zijn
-
- geen remming meer hebben
Vertalingen
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | dol | dollen |
| verkleinwoord | dolletje | dolletjes |
Zelfstandig naamwoord
dol m
- (scheepvaart) een metalen pin waarop een roeispaan kan draaien
- (scheepvaart) een U-vormig steunpunt waarin een roeispaan rust
Vertalingen
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| dollen |
dol