dichtknopen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • dicht·kno·pen
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
dichtknopen
knoopte dicht
dichtgeknoopt
zwak -t volledig

Werkwoord

dichtknopen

  1. dichtmaken door middel van knopen
    Hij knoopte zijn jas dicht.
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen