detector
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- de·tec·tor
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | detector | detectors/~en |
| verkleinwoord | detectortje | detectortjes |
Zelfstandig naamwoord
detector m
- (techniek) een onderdeel, een instrument dat wordt toegepast om een informatief signaal af te geven over één of meer technische grootheden (beweging, gas, temperatuur, druk enz.)
- Het poortje bij winkeldeur bevat een nieuw type detector.
- (elektronica) demodulator
- de kristalontvanger had als detector een loodkristal
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.