detector

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
Rookdetector/brandmelder

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • de·tec·tor
enkelvoud meervoud
naamwoord detector detectors/~en
verkleinwoord detectortje detectortjes

Zelfstandig naamwoord

detector m

  1. (techniek) een onderdeel, een instrument dat wordt toegepast om een informatief signaal af te geven over één of meer technische grootheden (beweging, gas, temperatuur, druk enz.)
    Het poortje bij winkeldeur bevat een nieuw type detector.
  2. (elektronica) demodulator
    de kristalontvanger had als detector een loodkristal
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen