deeg

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • deeg
enkelvoud meervoud
naamwoord deeg -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

deeg o

  1. het ongebakken kneedbare uitgangsmateriaal voor het bakken van diverse broden en gebak, vervaardigd van meel aangevuld met rijsmiddelen (gist, bakpoeder, ei, ...), vloeistoffen (melk, water, ...) en smaakstoffen zoals suiker en zout
Verwante begrippen
Vertalingen


Meer informatie