decimaal
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- de·ci·maal
Woordherkomst en -opbouw
| stellend | |
|---|---|
| onverbogen | decimaal |
| verbogen | decimale |
Bijvoeglijk naamwoord
decimaal
- tientallig.
- Is dat een decimale breuk?
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | decimaal | decimalen |
| verkleinwoord | decimaaltje | decimaaltjes |
Zelfstandig naamwoord
- elk van de eenheden van het decimale stelsel die kleiner zijn dan één
- Dit getal dient afgerond te worden op drie decimalen.
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.