dagvaarden
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: dagvaarden (hulp, bestand)
Woordafbreking
- dag·vaar·den
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| dagvaarden |
dagvaardde |
gedagvaard |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
dagvaarden
- (overgankelijk) voor een rechtszitting oproepen
- Mijn irritante buurman werd door mij gedagvaard.