dagvaarden

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • dag·vaar·den
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
dagvaarden
dagvaardde
gedagvaard
zwak -d volledig

Werkwoord

dagvaarden

  1. (overgankelijk) voor een rechtszitting oproepen
    Mijn irritante buurman werd door mij gedagvaard.
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen