crediteren
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- cre·di·te·ren
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| crediteren |
crediteerde |
gecrediteerd |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
crediteren
- (boekhouding) op iemands rekening als tegoed (credit) bijschrijven
- (boekhouding) op de creditzijde boeken
Verwante begrippen
- crediteur, crediteurenportefeuille, credit, creditering, creditnota, creditzijde, creditkaart, creditcard, creditcardhouder, creditcardorganisatie, creditrente, crediteurenbank
Antoniemen
Vertalingen
1. als tegoed boeken
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.