chips

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • chips
[2] enkelvoud meervoud
naamwoord - chips
verkleinwoord chipje chipjes

Zelfstandig naamwoord

chips mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord chip
  2. dunne aardappelschijfjes, gebakken in vet of olie.
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen