chatte

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Woordafbreking
  • chat·te

Werkwoord

vervoeging van
chatten

chatte

  1. enkelvoud verleden tijd van chatten
    Ik chatte.
    Jij chatte.
    Hij, zij, het chatte.
  2. aanvoegende wijs van chatten
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen