chaos

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
Andere schrijfwijzen Niet te verwarren met: Chaoskaos

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • cha·os
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Oudgriekse woord χάος.
enkelvoud meervoud
naamwoord chaos -
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

chaos m

  1. grote wanorde
    De stroomstoring zorgde voor chaos.
  2. (wiskunde) mathematische onzekerheid die veroorzaakt wordt door onbekende factoren
Antoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie


Engels

Uitspraak
  • IPA:/keɪɒs/
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
chaos chaoses

Zelfstandig naamwoord

chaos

  1. chaos
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen