castreren

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • cas·tre·ren
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
castreren
castreerde
gecastreerd
zwak -d volledig

Werkwoord

castreren

  1. (overgankelijk) een sterilisatie uitvoeren van een man of mannelijk dier door verwijdering van de zaadballen
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen