caravan
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- ca·ra·van
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | caravan | caravans |
| verkleinwoord | caravannetje | caravannetjes |
Zelfstandig naamwoord
caravan m
- kampeerwagen, woonwagen, aanhangwagen die kan dienen als woonst
- Door de windhoos raakten tien caravans te water.
Synoniemen
Vertalingen
1. kampeerwagen, woonwagen, aanhangwagen die kan dienen als woonst