butik

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Zweeds

Uitspraak
Woordafbreking
  • bu·tik

Zelfstandig naamwoord

butik g

  1. winkel
    «Var låg butiken nu igen?»
    Waar lag de winkel ook alweer?
Verbuiging
Synoniemen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen