buitenwijk
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- bui·ten·wijk
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | buitenwijk | buitenwijken |
| verkleinwoord | buitenwijkje | buitenwijkjes |
Zelfstandig naamwoord
- een deel van de stad dat aan de rand van die stad ligt, ver buiten het centrum.
- In de buitenwijk stonden nieuwe huizen.
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.