breken
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| breken |
brak |
gebroken |
| klasse 4 | volledig | |
Uitspraak
Woordafbreking
- bre·ken
Werkwoord
breken
- (algemeen) in stukken uiteenvallen.
- (medisch) een bot dat gescheurd of helemaal doorbroken is.
- (optica) licht dat door middel van een prisma afgebogen wordt.
Afgeleide begrippen
Vaste voorzetsels
- breken met
Vertalingen
1.